Afbeelding

Beter een goeie buur dan een BOA aan je deur

Algemeen

De voordeurbel gaat. Ik doe open en zie twee BOA’s voor mijn deur staan. Op mijn vraag wat ik voor hen kan doen, antwoorden ze dat er een klacht bij de gemeente is binnengekomen. Wie er heeft geklaagd, kunnen of mogen ze niet zeggen. Ik ben verbaasd en ook wel een tikje verbolgen.

De klacht betreft mijn bloeiende lavendelplanten, een veilige en voedzame plek voor ontelbare bijen en andere insecten die het tegenwoordig toch al zo moeilijk hebben. De lavendelplanten hangen voor een deel over het trottoir en zouden de vrije doorgang over dat trottoir belemmeren. Ze moeten dus weg of drastisch worden gesnoeid.

Ik baal, maar nog het meest dat de klacht dus anoniem en waarschijnlijk is gedaan door een van de mensen met wie ik genoeglijk in mijn buurtje woon. De BOA’s komen vaker op meldingen af, over verbouwingen, geparkeerde auto’s, grootvuil aan straat, allemaal anoniem gemeld. Als ik een BOA zie, of een auto van Handhaving, dan denk ik: ‘Gemiste kans!’ Ik haat wolven in schaapskleren, want het kan toch ook anders?

Een paar weken geleden had een aantal buurtbewoners de jaarlijkse buurtbarbecue georganiseerd.

Iedereen droeg een steentje bij, met partytenten, eten, springkastelen of barbecues. Alles was leuk en gemoedelijk, meer dan 50 buurtbewoners en kinderen hadden het naar hun zin, zelfs toen noodweer de barbecue vroegtijdig onderbrak. Ik zag niets dan lachende gezichten toen we met elkaar probeerden te redden wat er te redden viel en zeiknat tenten voor wegwaaien probeerden te behoeden. Zelfs een door het noodweer veroorzaakte beschadiging aan een auto werd direct gemeld en in den minne opgelost.

En dan denk ik: zo kan je toch ook met elkaar omgaan? Als er iets is, bespreek het vriendelijk met de betrokkenen. Dat scheelt een hoop frustraties, gemeentelijke roRmpslomp en gemeenschapsgeld. En onverwacht BOA-bezoek aan de deur…

Rob van Hilten