De Oudhollandse Gebakkraam van de familie De Vries/Overdevest staat al 100 jaar op de kermis. In het midden Jan en Liesbeth Overdevest.
De Oudhollandse Gebakkraam van de familie De Vries/Overdevest staat al 100 jaar op de kermis. In het midden Jan en Liesbeth Overdevest. Foto's: VSK

100 jaar kermis in Voorschoten met Melle de Vries

Algemeen Regio nieuws

Nee, Melle zelf leeft allang niet meer, zijn kleinzoon en -dochter Jan en Liesbeth Overdevest baten de huidige oliebollenkraam en andere activiteiten nu uit. Maar Melle stond wel aan de basis van 100 jaar kermis in Voorschoten en zijn naam wordt nog steeds gevoerd. Woensdagmiddag werd het boekje ‘100 jaar kermis’ aan de familie overhandigd. Ook werd een speciale banner onthuld door burgemeester Stemerdink. Daarmee werd de kermis geopend. 

Schrijver van het boekje is Jan Spendel. Hij kreeg de opdracht van de Oranjevereniging en was zo’n twee maanden bezig met het uitzoeken van alle details. “Ik heb heel veel gevonden op internet en kreeg hulp van de families. Dit is wel een hele bijzondere oliebakkersfamilie die vooral via de vrouwelijke lijn gaat en al zeven generaties bestaat.” En de volgende generatie is ook al opgenomen in het bedrijf, dochters Willy en Selina staan in de suikerspinnenkraam. 

In juli 1925 komt Melle de Vries voor het eerst naar Voorschoten. Daar is de Paardenmarkt en hij denkt dat dat wel een mooi moment is voor zijn oliebollen. Met de boot kwamen hij en zijn broer aan in de Kerksloot, zo vertelde Melle in 1975 bij het 50-jarig bestaan aan Loes de Keuning van destijds De Omroeper. 

De grond-, dak- en zijplaten werden per handkar naar de Voorstraat gebracht want daar was in die jaren de kermis gevestigd. Ineens was er een enorme windvlaag en een van de platen vloog weg. Het is dat Melle een brul gaf naar zijn broer zodat die op tijd kon wegduiken, anders waren er zeker ongelukken gebeurd. 

De Koninginnedag in die tijd was eind augustus, de verjaardag van Koningin Wilhelmina. Ook daar kwam Melle en de familie is nooit meer weggegaan. 

Verdriet heeft de familie ook gekend in Voorschoten. Tijdens de paardenmarkt in 1935 blijkt Geertje, de dochter van Melle en Geertruida, difterie te hebben. Het meisje kon niet meer worden gered, ze ligt begraven bij de Dorpskerk. 

Het boekje geeft een prachtig inkijkje in de kermisfamilie die niet alleen de oliebollenkraam maar ook de suikerspinkraam, het touwtje-trek, de zweefmolen en de heli-molen exploiteert. “Ja heel trots”, zeggen Jan en Liesbeth Overdevest. “Dat je dat als generatie mag meemaken. Opa stond 100 jaar geleden al in Leiden en vertelde dat zijn betovergrootvader ook in de oliebollen zat. Dus inderdaad 7 generaties.” 

Voorlopig werken ze samen met de kinderen en schoonkinderen. “En als het erg druk is, bellen we familie. We komen uit Leiden dus ze zijn altijd in de buurt.”

Het boekje krijgt een ereplaats in huis. “We wisten er wel van hoor, hebben ook foto’s aangeleverd maar hoe het er uit is komen te zien, was ook voor ons een verrassing.” De kermis staat nog tot en met zondag. Daarna trekt de familie verder het land in. 

Het boek is in Museum Voorschoten aan de Voorstraat in te zien. Het Voorschotens bedrijf Grapefish ontwierp het boekje en zorgde voor de druk.


Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding