Cees Bremmer is raadslid voor het CDA, en nestor van de gemeenteraad.
Cees Bremmer is raadslid voor het CDA, en nestor van de gemeenteraad. Foto: CDA Voorschoten

CDA: Neem meer tijd voor bespreken gemeentelijke samenwerking

Politiek Persberichten Politiek

(Persbericht CDA) Energietransitie, huisvesting of digitalisering en andere grote uitdagingen kunnen gemeenten steeds minder effectief alleen aanpakken. Dat geldt niet alleen voor kleinere gemeenten, zoals Voorschoten, maar ook voor de grotere. Anders gezegd: bij ingewikkelde gemeentelijke opgaven is het steeds meer nodig taken met andere partners uit te voeren. Dat kunnen bestuurlijke partners in de regio zijn, of uit eigen dorp, maar veel uitdagingen houden zich echter niet aan bestuurlijke grenzen. 

Voorschoten werkt op dit moment in liefst 53 samenwerkingsverbanden met andere partijen aan beleidsontwikkeling en taakuitvoering. Dat staat in de nieuwe Nota Samenwerkingsverbanden die Voorschotense raadsleden onlangs ontvingen. Hierin staan de beleidskaders voor het aangaan, continueren of stoppen met zulke vormen van samenwerking.De nota bevat een uitstekend overzicht van al die vormen van samenwerking. Maar het document besteedt minder aandacht aan de spannings-velden en botsende belangen die dat alles óók kan geven. Die variëteit aan vormen van samenwerking verschilt bovendien nogal eens sterk in aard, omvang, juridische structuur en inbedding.

Dat betoogde Cees Bremmer onlangs namens de CDA-fractie in de raadsadvies-commissie Burger &Bestuur (B&B). Hij stelde n.a.v. deze nieuwe nota verder de meer algemene vraag: ”In hoeverre heeft de Voorschotense gemeente raad nog een goed zicht op onze deelname aan intergemeentelijke en regionale samenwerkingsverbanden? En: voldoen wij als raad in dit verband nog wel op passende wijze aan onze kaderstellende en controlerende rol en hoe kunnen wij die verbeteren?Tegelijkertijd memoreerde hij dat de Rekenkamercommisie WVOLV waarvan Voorschoten, samen met de gemeenten Wassenaar, Oegstgeest en Leidschendam-Voorburg deel uitmaakt, onlangs een onderzoek startte naar dit type vragen.

Waarom niet eerst de resultaten van dit RKC-onderzoek in het 2e kwartaal van 2026 afwachten? En waarom voor dit thema niet meer tijd nemen, voordat wij nu een Nota Samenwerkingsverbanden gaan vaststellen? vroeg Bremmer zich eveneens af. Dit nieuwe Rekenkameronderzoek wil immers raadsleden aanbevelingen doen voor het stellen van duidelijke en sturende kaders. Maar ook voor het bewaken van prioriteiten bij al die samenwerking. Alle andere raadsfracties ondersteunden dit pleidooi van de CDA-fractie. 

Wethouder De Bruijn die aanvankelijk terughoudend was, ging er na de commissiediscussie eveneens mee akkoord dat de genoemde “Nota Samenwerkingsverbanden” pas na afronding van het gestarte RKC-onderzoek door de raad zou worden besproken. Concreet betekent dit dat de commissie Burger& Bestuur de raadsvergadering van december 2025 eenstemmig adviseerde de bespreking van de Nota Samenwerkingsverbanden uit te stellen tot na publicatie van het genoemde onderzoek van de Rekenkamer WVOLV.