Rollatorgebruikers gediscrimineerd
Bij het aangaan van een overeenkomst met een rollatorgebruiker zou gecommuniceerd moeten worden om (vermeende) moeilijkheden op te lossen. Dat het nalaten hiervan kan leiden tot discriminatie , wordt duidelijk uit de volgende zaken.
Vrijwilliger bij een
bridgekampioenschap
Een man die zich bij een bridgekampioenschap als vrijwilliger opgaf en een dag later meldde dat hij gebruik maakte van een rollator werd vanwege zijn rollatorgebruik afgewezen. Het College voor de rechten van de mens oordeelde dat hier sprake was van discriminatie. Dat zou alleen anders zijn als de rollatorgebruiker niet in staat zou zijn wezenlijke taken, behorend bij de vrijwilligersfunctie, te verrichten. Maar de bridge-organisatie zou dan wel moeten uitzoeken of er doelmatige aanpassingen gedaan zouden kunnen worden. Alleen als deze bijvoorbeeld erg duur zouden zijn, hoefde de bridgeorganisatie ze niet te nemen.
Busreis naar Zuid Engeland
In 2023 ging een vrouw naar het College omdat zij van een reisorganisatie alleen mocht deelnemen aan de reis als ze een medepassagier meenam omdat ze voor langere afstanden gebruik maakte van een lichtgewicht rollator. De vrouw vond dat hier sprake was van discriminatie. De reisorganisatie argumenteerde dat de veiligheid van de vrouw, de medepassagiers en de buschauffeur in gevaar zou komen als ze alleen meeging. Het College oordeelde, dat er sprake is van discriminatie op `grond van handicap `als iemand vanwege diens handicap of chronische ziekte anders wordt behandeld dan anderen in een vergelijkbare situatie.` Dat er een groter veiligheidsrisico was als ze alleen was, achtte het College niet aannemelijk. Anders hadden er ook doeltreffende maatregelen getroffen kunnen worden om het risico te verminderen. Het College benadrukte dat de reisorganisatie bij het aangaan van de overeenkomst met de rollatorgebruiker zou moeten vragen naar concrete bijzonderheden als waarom de rollatorgebruiker een rollator nodig had. Conclusie: Geen standaardbehandeling voor rollatorgebruikers, maar elk geval apart bekijken.
Zie voor de uitspraken: https://oordelen.mensenrechten.nl/oordeel/2022-127 en https://oordelen.mensenrechten.nl/oordeel/2024-92..
Marijke Osinga