Er wordt hier veel gelachen

Als mensen aan een hospice denken, denken ze vaak aan stilte. Aan zachte stemmen. Aan verdriet. Dat is er natuurlijk ook. Maar wat veel mensen niet verwachten: er wordt hier veel gelachen. 

Soms om iets kleins en soms zelfs om iets dat eigenlijk helemaal niet grappig zou moeten zijn. Maar het vervolgens toch is.

Laatst was er een gast bij ons, omringd door zijn kinderen en kleinkinderen. Er werd gehuild, gefluisterd, handen vastgehouden. De sfeer was liefdevol, maar ook zwaar. Tot zijn kleinzoon van een jaar of zeven naast het bed klom.

Opa, als u straks in de hemel bent, let u dan een beetje op ons? 


Hij keek opa aandachtig aan en zei heel serieus: “Opa, als u straks in de hemel bent, kunt u dan wel een beetje op ons letten?” Iedereen slikte even. Opa knikte. Waarop de jongen vervolgde: “Maar niet de hele tijd hoor. Want dat is wel een beetje vervelend.”

Er viel een seconde stilte. En toen barstte de kamer in lachen uit. Opa lachte mee. Zijn dochter moest haar tranen wegvegen, maar nu van het lachen. Het was zo’n moment waarop alles samenkwam. Verdriet en liefde. Afscheid en gewone familiehumor. Want dit was precies hoe ze thuis ook met elkaar spraken. Met een knipoog, met relativering, met warmte. 

Een andere keer vroeg een gast bij de koffie heel opgewekt om extra slagroom op haar appeltaart. “Nu mag het” zei ze schalks. “Ik hoef nergens meer op te letten.” Haar dochter keek haar even aan, half geschrokken. Maar ook daar volgde al snel gelach. 

Humor haalt het verdriet niet weg. Het verandert niets aan de ernst van het afscheid. Maar het maakt het lichter om te dragen. Even ademhalen. Even samen zijn. Niet alleen rondom ziekte, maar rondom wie iemand altijd al is geweest.

In het hospice is ruimte voor alles. Voor stilte en tranen. Voor boosheid en vermoeidheid. Maar ook voor die onverwachte grap van een klein mensje dat zonder het te weten een hele kamer ontspant. Misschien is dat wel het mooiste: dat zelfs in de laatste levensfase nog hardop gelachen wordt. Omdat waar gelachen wordt, nog leven is.

Patricia Vogel, 
vrijwilliger hospice Wassenaar