Ringold West voor het museum Voorschoten waar hij gastconcervator is voor de Keti Koti expositie in 2028, Foto: Vsk
Ringold West voor het museum Voorschoten waar hij gastconcervator is voor de Keti Koti expositie in 2028, Foto: Vsk Foto:

Voorschoten krijgt in 2028 een eigen Keti Koti-herdenking

Algemeen

In 2028 krijgt Voorschoten een eigen Keti Koti-herdenking, met onder andere een tentoonstelling in Museum Voorschoten. Ringold West is gastconservator van deze expositie en komt graag in contact met mensen die op welke manier dan ook een bijdrage kunnen leveren.

‘Er wonen in Voorschoten ongeveer 400 mensean van Surinaamse of Antilliaanse afkomst,’ vertelt hij. ‘Het kan bijna niet anders dan dat velen van hen verhalen, documenten of voorwerpen hebben die verwijzen naar het verleden waarin hun voorouders uit Afrika werden weggevoerd om als slaaf te worden verhandeld in Nederlandse koloniën, zoals Suriname.’

In 2028 is het 155 jaar geleden dat de slavernij officieel werd afgeschaft, Keti Koti betekent gebroken keten. Bij de afschaffing van de slavernij werden de slaveneigenaren financieel gecompenseerd,’ vertelt ‘Ringold, ‘maar de voormalige tot slaaf gemaakten, die hun vrijheid kregen bleven met lege handen achter, zij ontvingen geen enkele compensatie. Hoe sterk moeten zij zijn geweest om daarna toch een bestaan op te bouwen?’

Met de herdenking en de tentoonstelling wil Ringold deze geschiedenis zichtbaar maken en de verhalen van zijn voorouders doorgeven. Tijdens het interview werd duidelijk dat er zoveel over dit onderwerp te vertellen valt, dat de redactie hem heeft gevraagd om in aanloop naar de expositie maandelijks een column te schrijven. Daarin vertelt hij over de betekenis van Keti Koti, over zijn voorouders, over de geschiedenis van de slavernij en over de manier waarop mensen na de afschaffing van de slavernij een nieuw bestaan hebben opgebouwd. De eerste column verschijnt in de Voorschotense Krant van augustus.

Ringold zelf kwam op achttienjarige leeftijd vanuit Paramaribo naar Nederland. Hij was internationaal scheidsrechter basketbal, werd directeur van een basisschool en later docent Nederlands op een middelbare school. Inmiddels woont hij al twintig jaar in Voorschoten.

Als vrijwilliger werkte Ringold mee aan de organisatie van de Keti Koti-herdenking in Leiden, daar kwam hij in contact met burgemeester Stemerdink. Zij stelde hem voor om ook in Voorschoten aandacht te besteden aan de herdenking en viering van Keti Koti. ‘Niet lang daarna werd er een werkgroep gevormd waarin ik mocht samenwerken met Joan Tjok-A-Sang, Stan Dessens en Gaby de Lijster, met hulp en ondersteuning van de gemeente vond op Berbice op kleine schaal de eerste Keti Koti-herdenking van Voorschoten plaats.’

‘Ik wil graag dat de herdenking in 2028 groots wordt aangepakt,’ zegt ‘Ringold. ‘Het is belangrijk dat ons verleden een plek krijgt. We leven samen, maar hoeveel weten we eigenlijk van elkaar? En het is heel belangrijk dat ook onze kinderen hun geschiedenis leren kennen.

In 2028 is het de bedoeling dat wij Keti Koti herdenken met een tentoonstelling in het museum Voorschoten en misschien zelfs met een groot diner op de Voorstraat, waar originele Surinaamse gerechten worden geserveerd, vieren. Daar wil ik mij graag voor inzetten, maar ik kan het niet alleen.’

Daarom doet Ringold West een oproep aan inwoners van Voorschoten die een verre relatie tot de geschiedenis van de slavernij hebben, families van Surinaamse of Antilliaanse, maar bijvoorbeeld ook van Indonesische afkomst. ‘Mensen die willen meehelpen met de organisatie van de herdenking, de viering en de tentoonstelling. Inwoners die verhalen willen delen of voorwerpen bezitten die van belang kunnen zijn voor de tentoonstelling, worden uitgenodigd contact met mij op te nemen via het mailadres ketikoti@museumvoorschoten.nl’.

In mijn columns in deze krant zal ik de lezers op de hoogte houden van de voortgang van de organisatie en ook het verhaal vertellen van de slavernij en alles wat daarmee te maken heeft gehad’.