
Lag het verdwenen dorp Watdinchem in Voorschoten?
AlgemeenDe Voorschotense buitenplaats Ter Wadding wordt in verband gebracht met het verdwenen dorp Watdinchem. Wat valt daarover te melden?
door: Jan Spendel
Voor het eerst komt het dorp Watdinchem voor in de goederenlijst (865) van de Utrechtse Sint Maartenskerk. Het ligt ergens tussen Ter Lips/Lippinge (Voorschoten) en Lopsen/Loppishem (bij de Mare te Leiden) in.
Het meest aannemelijk is, dat de woonplaats Waddinghem bij het huidige Ter Wadding ligt, in de kromming van de machtige rivier de Rijn. Het achterliggend gebied werd regelmatig door de Rijn overspoeld en zat vol watergeulen. Het gebied was een estuarium, een delta, een soort Waddengebied. De zee bij vloed en de rivier de Rijn hadden er ‘invloed’ op.
Er zijn historici die terecht voorzichtig zijn over de exacte locatie van Waddinghem. Er is geen zekerheid. Wel zien ze aanwijzingen dat Waddinghem ergens gelegen heeft aan de oever van de Rijn tussen het veer ter Wadding bij de Haagsche Schouw en de Waddingsvliet, nu de Korte Vliet en daarvoor de Oude Vliet. Het kapel van Sint Nicolaas aan de Wadding (bij de huidige Zilverfabriek) lag aan de zuidrand van Watdinchem.
De uitgang ‘hem’ van Waddinghem is een versleten vorm van heem, in de betekenis van woonplaats. Denk maar aan het Duitse woord Heim(at). Vervolgens versleet de naam verder van Waddinghem naar Waddinghe en tenslotte naar Wadding met als voorzetsel Ter.
De naam Wadding (ook Wadde en Wedde) is in Holland een algemene aardrijkskundige naam voor een ‘doorwaadbare plek’, een ‘ondiepte’ in een rivier. Naast wedden in de Rijn lagen er vóór de kanalisering van de Vliet wedden bij boerderij Allemansgeest en De Knip.
De Wadding is volgens historicus P.J. Blok (1855-1929) de waternaam van een zijrivier van de Rijn. Deze stroomde vanaf Ter Wadding aan de Voorwetering westwaarts met een meanderend (slingerend) verloop. Deze verklaring wordt ondersteund door de kaart van Rijnland van Dou uit 1687. Daarop staat een waterloop met de naam Dolend Sloot (dolend=slingerend).
Maar er zijn meer verklaringen voor Wadding. In een aantal woordenboeken, onder andere van Kiliaan uit 1599, komt de soortnaam waddinghe voor in de betekenis van dijk en oever. Met Waddingen werden volgens dezelfde woordenboeken anno 1769 ook veenplassen en venen bedoeld. Voorbeeld daarvan is Waddinxveen.
Ook deze verklaringen zijn in te passen in de omgeving van Waddinghem. De dijk en oever zijn de Rijnoever en Rijndijk. Het veen en de plassen waren eveneens aanwezig in het landschap tussen de Haagse Schouw en de Korte Vliet. Ten zuiden van Ter Wadding heette een moerassig land Waddingsbroek. Broek uit bruec is moeras. Door droogmaking werd een broek een polder.
De buitenplaats Ter Wadding ligt aan het eind van de Leidseweg-Noord in Voorschoten, in een park bij De Vink. Vroeger was daar een doorwaadbare plek. Het is een mogelijke, prima locatie voor het verdwenen dorp Waddingchem.








