Architecten Leila van Coeverden-Altena en Robert-Jan Altena bij het slaan van de eerste paal. Foto: ADO Den Haag /Angelo Blankespoor
Architecten Leila van Coeverden-Altena en Robert-Jan Altena bij het slaan van de eerste paal. Foto: ADO Den Haag /Angelo Blankespoor

Voorschotenaren ontwierpen nieuw trainingscentrum ADO

Sport Sport

Er viel toch wel een vreugdetraantje bij het slaan van de eerste paal van het nieuwe trainingscentrum van ADO Den Haag in het Zuiderpark. Het centrum werd ontworpen door Leila van Coeverden en haar man Robert-Jan Altena. Ze zijn er jaren mee bezig geweest. 

Robert-Jan is geboren en getogen Voorschotenaar, Leila woont hier sinds een paar jaar. Beiden zijn architect en waar Leila bij een Haags architectenbureau werkt, heeft Robert-Jan een baan bij een aannemersbedrijf dat ook nog eens een van de hoofdsponsors is van de voetbalclub. “ADO benaderde ons met deze vraag”, vertelt Robert-Jan. “Er is al langer een band tussen het bedrijf en de club. Eerst hebben we samen met de club de wensen opgesteld, waarna we onderzoek hebben gedaan bij andere clubs. Naar aanleiding daarvan hebben we het ontwerp opgestart. Na een jaar hebben we Leila ingeschakeld voor het verdere ontwerp en de vergunningsaanvraag. Dat laatste viel nog niet mee. Dat heeft een zeker ruim een jaar extra geduurd dan verwacht.”

Er was veel programma zoals kleedruimtes, spelershome, douches, medische ruimtes en een sportzaal. Ook de duurzame eisen waren hoog. “Het resultaat is een houtbouwconstructie, duurzaam en demontabel”, gaat Leila verder. “Dat laatste betekent dat je alles, zelfs de gevel, weer uit elkaar kan halen om ergens anders neer te zetten of hergebruiken, daarmee is het pand ook nog circulair. De spelersfaciliteiten zitten op de begane grond, boven is het licht met ramen rondom en zicht op het veld. Daar zitten de kantoren voor staf, trainers, scouting en administratie. Het pand heeft een steenachtige uitstraling met een knipoog naar groen want het gaat toch om ADO!”

En ook technisch waren er eisen. “Het pand heeft een energielabel van A+++ en heeft een grijs watersysteem. Al het regenwater wordt opgevangen en gebruikt voor de wc’s en via een speciaal filter ook voor de wasmachines. En er wordt wat afgewassen bij de club”, lacht Robert-Jan. “Er is geen gasaansluiting en het pand is vrijwel zelfvoorzienend. Alles bij elkaar is het één van de duurzaamste trainingslocaties in Nederland.”

Een enorme uitdaging? “Absoluut”, zeggen de twee. “Het heeft ons goed bezig gehouden. We werkten er niet alleen op kantoor aan maar ook ‘s avonds thuis en in het weekend. Maar we hebben er enorm veel van geleerd en zijn er zeker trots op.” Als alles goed gaat wordt het pand in de zomer in gebruik genomen.