Afbeelding
Foto:

Te laat voor euthanasie

Column Ingezonden

In de afgelopen vijfentwintig jaar is het aantal euthanasiegevallen vervijfvoudigd, van zo`n tweeduizend per jaar naar bijna tienduizend. In percentages van ruim anderhalf naar een kleine zes procent. De toename zit vooral bij de zeventig- tot tachtigjarigen. Kwaliteit van leven en de eigen regie houden zijn daarbij belangrijke motieven.

Dat was voor de tachtigjarige vader van een vrouw met wie ik onlangs telefonisch contact had, ook een cruciale overweging. De vader leed aan een ziekte die hem fataal zou worden. 

Zijn vrouw was gestorven op achtenvijftigjarige leeftijd na een lange lijdensweg. Alle behandelingen die de artsen aanboden, greep ze aan. Want je weet maar nooit. Hij wilde het niet zo. 

Toen hij wist dat zijn aandoening geen kans op genezing bood, weigerde hij alle behandelingen, behalve de pijnstillende. Wel wilde hij, als de tijd daar was, euthanasie. De arts stemde daarin toe. 

‘Ik zou ook die keuze hebben gemaakt als ik in dezelfde situatie was geweest,’  zei de  dochter tegen de vader. ‘Als u geen levensverlengende behandelingen wilt, gaat het wel heel snel,’ waarschuwde de arts.

Een datum voor euthanasie werd gepland. Het ziekte verloop ging echter zo snel dat acute palliatieve sedatie werd ingezet, dit om het lijden direct te verlichten. De vader werd in een diepe slaap gebracht. De arts had daartoe sederende medicijnen toegediend, maar geen euthanatica.

De vader overleed spoedig daarna, geruime tijd voor de geplande euthanasie. De vrouw die ik aan de lijn had gehad, was blij dat haar vader op een zachte manier was heen gegaan. 

Gelukkig was ze erbij geweest toen haar vader in slaap gebracht werd. Wel vond ze het jammer dat zij niet bij het sterven aanwezig was geweest.

In een volgende column behandel ik een rechterlijke uitspraak.

Marijke Osinga
Jurist en auteur